Spring direct naar de hoofdnavigatie, de zoekfunctie of de inhoud

Schoon schip in database

Bij het maken van nieuwe bewegwijzeringsplannen moet iedereen erop kunnen vertrouwen dat het databestand actueel, betrouwbaar en compleet is. Dat is nu niet het geval en dat vereist dus een strak plan van aanpak, vertelt projectleider ‘Data op orde’ Jan Herman Kroes. ‘Op orde krijgen is één, het is aan ons allen dat ook zo te hóuden.’  Het is de wettelijke taak van de NBd om alle data bij te houden van alle ruim 100.000 wegwijzers die er in Nederland langs de wegen staan. Die data omvat: wanneer de bewegwijzering gemaakt en geplaatst is, de exacte locatiegegevens, alle wettelijke criteria van elke afzonderlijk bord, of er ooit schade is gemeld en of het bewegwijzeringsbord halverwege de levenscyclus vervangen of gerepareerd is. Jan Herman: ‘Dat de database niet op orde was, bleek al een tijd terug. Dan zegt het systeem dat bord A op locatie B staat en blijkt de situatie in de werkelijkheid allang weer anders. Of dat een bord aan het eind van zijn levenscyclus is, terwijl het onlangs nog vervangen of hersteld is. Dat geeft geen vertrouwen, geen houvast.’

Database ‘ABC-proof’
Projecten duren daardoor nodeloos langer en vallen duurder uit. Het aantal borden is ook bepalend voor het tarief dat wegbeheerders aan de NBd betalen. Dan moeten die aantallen natuurlijk wel kloppen. Jan Herman: ‘Daarom zijn we begonnen met een omvangrijke operatie om alles recht te trekken. Stap één hebben we nu gehad; inzicht krijgen in de huidige stand van zaken. Het was veel – de datadump bevatte meer dan een miljoen data – dus het was belangrijk om het op te knippen in hapklare brokken. We hebben als het ware een ui afgepeld, laagje voor laagje, en elke keer kwamen we dichterbij de kern. Daarna zijn we aan de slag gegaan met de ontwikkeling van een gebruiksvriendelijk systeem, waarin wegbeheerders in één overzicht zien welke gegevens ze moeten aanleveren. Data op orde betekent ‘ABC’-en; het actueel, betrouwbaar en compleet maken alle data. Daar zijn we nu een heel eind mee op weg.’

Historische oorzaak
Om een probleem aan te pakken, is het belangrijk te weten hoe het ontstaan is. In het geval van de vervuilde database is er sprake van historische wortels: met de totstandkoming van de Nationale Bewegwijzeringsdienst zijn verschillende databestanden in één en hetzelfde systeem gezet en daarmee ontstond de vervuiling. Oude data werden zichtbaar en nieuwe juist niet. Afspraken met wegbeheerders over hoe en wat er wel en niet in het bestand mag, bleken niet afdoende. Diverse opschoningsacties boden geen soelaas. Jan Herman: ‘In het afgelopen jaar is hard gewerkt om het hele bestand te analyseren. Voor de wettelijk noodzakelijke data is vastgesteld aan welke criteria ze moeten voldoen om de ABC-norm te halen. Die gegevens staan voor iedere van de bijna 400 wegbeheerders in een eigen dashboard, waarop in één keer inzichtelijk is of ze nieuwe data correct invoeren of dat er nog informatie ontbreekt. We hebben een steeds beter beeld van wat er nodig is om de boel recht te trekken. Binnenkort presenteren we, al dan niet op afstand, de dashboards en zien wegbeheerders wat hun actuele stand van zaken is.’

Van elkaar afhankelijk
Jan Herman: ‘Op het moment dat we van alle wegbeheerders een goed beeld hebben, kun je met elkaar in gesprek. Waarom ontbreken er gegevens? Wat heb je nodig om ze aan te leveren? Hebben zij zelf iets laten liggen, of is het de aannemer die na oplevering van een project nalaat de benodigde data aan te leveren? We zien nu dat er 300 plannen door de NBd zijn goedgekeurd, maar dat maar bij 60 van die plannen alle data goed is aangeleverd. Dat gat is veel te groot. Die ABC-monitor op het dashboard gaat helpen om hierover met elkaar in gesprek te gaan. Zodat het besef komt dat de kwaliteit van de gegevens niet alleen ons pakkie-an is, maar dat we daar echt alle wegbeheerders voor nodig hebben. Wat wij kunnen doen, is een laagdrempelig systeem maken en iedereen van de juiste informatie voorzien om daarmee te werken. Maar om de boel echt op orde te houden, zijn we keihard afhankelijk van anderen.’ Volgens Jan Herman is het zaak een slim, geautomatiseerd programma te ontwikkelen, waarmee wegbeheerders een soort checklist voor zich hebben. ‘Als iets ontbreekt, kan men pas verder als wat ontbreekt aangevuld wordt. Mensenwerk is te foutgevoelig, voor digitale problemen moet je een digitale oplossing verzinnen.’
Om de database straks ook schoon te hóuden, moeten er volgens Jan Herman ook procesmatig dingen veranderen. ‘Denk aan pas uitbetalen als het opleverdossier compleet is en dat databeheer daar een vast onderdeel van uitmaakt. Bovendien kunnen we vanuit de NBd straks best zeggen: we nemen pas een nieuw bewegwijzeringsplan in behandeling als de data van het vorige plan helemaal goed in het systeem staat. Maar uitgangspunt is en blijft dat we daarin sámen optrekken met de wegbeheerders. Wij kunnen ons werk niet doen zonder inspanning aan de kant van onze klanten, maar andersom mogen zij ook verwachten dat wij onze keuken netjes houden. Als we er samen blijvend de schouders onder zetten, wordt het uiteindelijk voor ons allemaal makkelijker.’

< Terug naar de vorige pagina